Koolzure kalk: de basis voor beschikbaar calcium

1 oktober 2019 - Glasgroenten

In de teelt op kasgrond is het van groot belang om de voorraden nutriënten in beeld te hebben. Voor calcium geeft de parameter ‘koolzure kalk’ informatie over de hoeelheid calcium die aanwezig is. In hoeverre deze beschikbaar is voor het gewas hangt van diverse factoren af.

"Calcium is gedurende de gehele teelt van groot belang voor het gewas. Maar vooral bij de start van de teelt is het zaak dat er voldoende aanwezig is," vertelt Jan Hardeman, accountmanager glastuinbouw bij Eurofins Agro. "Alleen de jonge wortelpunten kunnen namelijk het element goed opnemen. De wortelpunten zijn nog niet verkurkt. Calciumtekort zie je pas later in de teelt, maar dan ben je in feite al te laat om er nog iets aan te doen. Tijdig bijsturen met een extra calciumgift is dan een vereiste. Bij sommige gewassen is het ook mogelijk om door middel van bladvoeding nog iets bij te sturen.”

Koolzure kalk zeer divers

De koolzure kalk die in bodems wordt gevonden is zeer divers. De gehaltes koolzure kalk in Nederland variëren van 0 tot meer dan 10%. Als koolzure kalk afbreekt (natuurlijk proces) komt er calcium vrij. De ouderdom van de koolzure kalk is daarbij van belang; van jonge kleigronden is bekend dat ze vaak veel calcium kunnen leveren vanuit koolzure kalk. In oude zeekleigronden en duingronden is ook veel calcium te vinden, maar deze is vaak amper reactief en levert daarom weinig calcium aan het gewas.

Calcium voor hoge productie

Calcium draagt bij een hoge productie en is tegelijkertijd een ‘kwaliteitselement’. Het nutriënt komt onder andere voor in de celwanden en vervult een stabiliserende rol bij veel groeiprocessen. Het bevordert het selectief vermogen van de plant.  Calciumarme celwanden zijn lek, de andere voedingstoffen kunnen in en uitlopen. Calcium wordt nauwelijks getransporteerd in de plant en bij snelle groei kan zich een tekort voordoen in de jonge bladeren terwijl er voldoende calcium in de oudere bladeren aanwezig is.  Calciumgebrek uit zich dan ook in het afsterven van de groeipunten.

Bespaar op calciumbemesting

Jan Hardeman: “Calcium ligt lang niet altijd op een ‘presenteerblaadje’. Het is belangrijk om te weten hoeveel koolzure kalk er in de bodem is. Via meststoffen kan calcium worden aangevuld. Maar alles wat de bodem vanuit zichzelf kan ‘naleveren’ hoeft niet te worden bemest. Dat bespaart uiteraard kosten. Voor het gewas is van belang dat de calcium in het bodemvocht kan worden opgenomen. Door niet alleen een kasgrondanalyse te doen maar ook een gewasanalyse, ziet u als teler hoe calcium wordt opgenomen. Het geeft inzicht hoe calcium het beste kan worden toegediend en in welke mate.”

Afbraak koolzure kalk

Het vrijkomen van calcium uit koolzure kalk wordt gestimuleerd door de toediening van organische, dierlijke mest, zuurwerkende meststoffen en zuurregelingen op de mestunits. Dit veroorzaakt het vrijkomen van CO2 en  daarmee start het proces van het afbreken van koolzure kalk en het vrijkomen van Ca2+. Let daarbij wel op het volgende: het makkelijk afbreekbare deel van de kalk neemt door de jaren af, de overgebleven kalk is dusdanig inert (slecht oplosbaar) dat het geen bron van calcium meer is.

pH en fosftaattoestand

Ook de pH en fosfaattoestand hebben invloed op de beschikbaarheid van calcium voor het gewas. Bij een hogere pH (vanaf 7.4) zal calcium zich binden aan carbonaat (CO3) en daardoor zal de beschikbaarheid van calcium sterk afnemen. Ook de fosfaattoestand is bepalend voor de beschikbaarheid van calcium voor het gewas. Bij een hoge fosfaattoestand in de kunnen bijvoorbeeld Ca-P-zouten worden gevormd die niet voor de plant beschikbaar zijn.

Calcium advies

In combinatie met een standaard hoofd- en sporenelementenanalyse kan er een volledig voorraadbemestingsadvies gegeven worden inclusief een eventuele kalkgift. Op basis van de pH, lutum en organische stof gehalte wordt een bekalking geadviseerd. Laat daarom eens in de drie tot vier jaar een basisanalyse kasgrond uitvoeren met deze bepalingen.

Ook worden de waarden van de bepalingen uit het basisonderzoek meegenomen in het bijmestadvies gedurende de teelt. Gronden met een hoge pH zijn vaak rijk aan koolzure kalk. Als er geteeld wordt deze gronden dan worden er in het bijmestadvies zuurwerkende meststoffen (als ammoniumnitraat) gebruikt om de pH te verlagen. Bij hoog CaCO3 kan vrij calcium beschikbaar komen. Bij voldoende calcium in de bodemoplossing, kan alle kalksalpeter vervangen worden door ammoniumnitraat.

Houd bij de bemesting van calcium ook rekening met het uitgangswater. Hierin kunnen al behoorlijke concentraties calcium voorkomen. Doordat juist het calcium in bodemvocht bepalend is voor de opname door het gewas, is het van belang hiermee rekening te houden bij de bemesting. Meststoffen met calcium zijn onder meer kalk, gips, brandkalk, schuimaarde, bladmeststoffen, blendings, KAS en steeds meer specifieke Ca-meststoffen.